Prinses Pien is dol op avontuur, maar haar kasteel ligt naast een berg waar een draak ligt te slapen. Wanneer de draak per ongeluk wakker wordt, wil iedereen hem wegjagen. Alleen Pien gelooft dat de draak gewoon een vriend nodig heeft, maar hoe overtuig je een vuurspuwende reus?
Het verhaal
Hoofdstuk 1: Het kasteel aan de voet van de berg
In een land vol zonneschijn en zingende vogels, stond een groot kasteel met torens zo hoog als bomen. Daar woonde Prinses Pien. Ze had rood krullend haar, knalgroene laarsjes en een rugzak vol vergrootglazen, snoepjes en een verrekijker. Pien was geen prinses die de hele dag op kussens zat. Nee hoor, ze klom liever in bomen of maakte schommels van koningsmantels.
Achter het kasteel lag een hoge berg die altijd een beetje rook naar roet en warme stenen. “Dat is de Rookberg,” zei haar vader, Koning Karel, “en daar slaapt de draak.”
Niemand had de draak ooit echt goed gezien. Hij lag al zo lang te slapen dat er bloemen op zijn rug groeiden en vogels nesten maakten in zijn horens.
“Laat hem maar lekker slapen,” zei iedereen in het dorp. “Een slapende draak is een goede draak.”
Maar Pien was nieuwsgierig. Wat als de draak helemaal niet gevaarlijk was?
Hoofdstuk 2: Een boer met gebakken mais
Op een ochtend trilde de grond. De kippen kakelden, de vissen sprongen uit de vijver en de hele ontbijtzaal wiebelde.
BOEM… BOEM… BOEM…
“Hij is wakker!” gilde iemand.
Pien rende naar het raam en zag rook kringelen boven de Rookberg.
“Wat is er gebeurd?” vroeg ze aan de hofkok.
“Boer Bart was mais aan het poffen op de berg. Toen hij vuur nodig had, gebruikte hij een knetterknal-pan. Dat geluid was zo luid dat de draak wakker schrok!”
Er kwamen meteen wachters met helmen en speren het kasteel uitgerend. “We moeten hem wegjagen!” riepen ze.
Maar Pien fronste. “Wegjagen? Waarom? Misschien is hij gewoon… bang.”
Niemand luisterde naar haar.
Hoofdstuk 3: Draak gezocht
Pien besloot zelf te gaan kijken.
Ze trok haar groene laarsjes aan, stopte drie boterhammen met aardbeienjam in haar rugzak en klom stiekem over de kasteelmuren.
De tocht naar de Rookberg was stijl en heet. Lava borrelde diep onder de grond en er groeiden planten met rookpluimpjes in plaats van bloemen. Na een tijdje hoorde ze gesnurk – maar anders dan eerst. Het was boos gesnurk. En verdrietig.
Daar, tussen de rotsen, lag de draak. Zijn schubben waren blauwgroen met gouden vlekken, en zijn ogen groot en glimmend. Hij had dikke tranen op zijn wangen.
“Hallo?” zei Pien zachtjes.
De draak schrok en hapte van schrik in een rotsblok. KNAP! Het gesteente brak in duizend stukjes.
Pien deinsde achteruit, maar rende toen toch naar voren. “Nee, wacht! Ik wil je geen pijn doen!”
De draak keek haar aan. “Iedereen is bang voor me,” bromde hij met een stem zo diep als een donderwolk.
“Ik niet,” zei Pien. “Ik heet Pien. Hoe heet jij?”
“… Snuif.”
Pien glimlachte. “Hoi Snuif. Wil je een boterham met jam?”
De draak snuffelde eraan. “Wat is jam?”
Pien giechelde. “Je hebt heel wat gemist in je slaap, Snuif.”
Hoofdstuk 4: Vuur en vriendschap
De volgende dagen kwam Pien elke ochtend naar de Rookberg. Ze leerde Snuif hoe je verstoppertje speelt, hoe je torens van stenen bouwt en wat een mop is.
“Wat zegt een draak met hooikoorts?” vroeg Pien op een dag.
Snuif schudde zijn hoofd.
“Ha-HAAA-tsjie!”
Snuif lachte zo hard dat er per ongeluk een pluim vuur uit zijn neus schoot. Een boom vatte vlam.
“Oei!” riep Pien.
“Ik… ik kan het niet helpen,” zuchtte Snuif. “Daarom wil niemand bij me zijn.”
“Misschien kun je leren om het te beheersen,” zei Pien. “Mijn broertje kon ook nooit stil zitten, maar nu kan hij zelfs vijf minuten zwijgen als hij een koekje krijgt.”
Snuif glimlachte flauw. “Ik zal het proberen.”
Wat Pien niet wist, was dat de wachters haar volgden. Ze zagen haar lachen met de draak, en toen ze de vuurstraal zagen, renden ze terug naar het kasteel.
“Pien is in gevaar!” riepen ze.
Hoofdstuk 5: Het leger nadert
De volgende ochtend werd Pien wakker van tromgeroffel. Uit haar raam zag ze het hele koninkrijk in beweging. Zwaarden blonken in de zon, paarden stampten en de hofdichter riep alvast heldenverzen over een Dappere Koning die een monster verslaat.
“NEE!” riep Pien. Ze trok haar laarsjes aan en rende weer naar Snuif.
“We moeten weg,” zei ze hijgend. “Ze komen je halen.”
Snuif slikte. “Ik wilde juist leren aardig zijn.”
“Dan moet je dat nu laten zien,” zei Pien.
Ze had een idee.
Hoofdstuk 6: De grote tovertaart
Pien haalde haar rugzak tevoorschijn en trok er een recept uit dat ze had gekregen van de kasteelbakker.
“We gaan een taart bakken,” zei ze.
Snuif trok een wenkbrauw op. “Een… taart?”
“Een reuzentaart,” knikte Pien. “Met vijf lagen, aardbeiensaus, suikersneeuw én glinsterhagel. Iedereen houdt van taart.”
Snuif stak zijn klauwen uit. “Maar ik kan niet bakken.”
“Jij zorgt voor het vuur, ik voor de rest,” glimlachte Pien.
Met vuur van Snuif, meel van Pien, en een enorme pan gemaakt van een omgekeerde wachterhelm, bakten ze samen de grootste taart die het koninkrijk ooit gezien had.
Toen het leger de Rookberg bereikte, stond daar – in plaats van een brullende draak – een draak met een keukenschort, die een taart versierde met marsepeinen hartjes.
Hoofdstuk 7: Het feest
Iedereen hield zijn adem in.
“Hij… bakt een taart?” vroeg een wachter.
Snuif knikte. “Omdat ik graag vrienden wil maken. En sorry voor de boom.”
Pien stapte naar voren. “Snuif is geen monster. Hij is mijn vriend. En hij is best goed in jam smeren.”
De koning stapte naar voren en keek Snuif streng aan. Toen pakte hij een vork, nam een hap taart… en glimlachte.
“Hmm. Vredestaart. Die hebben we lang niet meer gehad.”
Die avond was er een groot feest. Snuif speelde muziek met zijn vuur (hij kon vonken maken in de vorm van bloemen!) en iedereen at taart totdat hun buiken rond waren als pompoenen.
Hoofdstuk 8: Een nieuw begin
Vanaf die dag had de Rookberg een nieuwe naam: de Taartenberg.
Snuif werd de officiële koninklijke ovenaansteker en mocht elke ochtend de broodovens warmen. Soms liet hij per ongeluk een appel smelten, maar niemand werd meer boos.
Pien en Snuif bleven beste vrienden.
En als je goed kijkt, zie je soms rookpluimpjes in de vorm van hartjes boven het paleis verschijnen. Dan weet je: er is weer een taartfeest bezig.
En wat leerde iedereen?
Soms is een brullende draak gewoon iemand die op zoek is naar een beetje liefde… en een plakje taart.